© GETTY IMAGES

Nieuwe oplossingen voor knieartrose

Onze knieën slijten steeds sneller. Dat leidt in ons land tot meer prothesen. Maar als je jonger bent dan 65 is dat geen ideale oplossing. Voor die groep is er nu een alternatief, dat de pijn bestrijdt en het kraakbeenlaagje zelfs weer laat aangroeien.

Als je nog geen 65 bent en met ernstige knieartrose kampt, kon je tot voor kort geen kant op”, schetst kniechirurg dr. Christiaan Heusdens (UZ Antwerpen) de situatie. “Je bent te jong voor een echte prothese, want die is na gemiddeld 15 tot 20 jaar aan vervanging toe, maar intussen heb je wel veel pijn. De courante behandelingen en pijnstillers volstaan vaak niet meer en je dreigt immobiel te worden. Vandaag hebben we voor deze groep eindelijk een volwaardig alternatief waarbij de eigen knie behouden blijft.”

Wat gebeurt er bij artrose?

Artrose is de meest voorkomende knieklacht en wordt veroorzaakt door slijtage van het kraakbeenlaagje. Dat kraakbeen zorgt ervoor dat je kniegewricht en je botten soepel over elkaar heen schuiven bij het bewegen. Wanneer dat laagje afslijt of afbrokkelt, schuren je botten rechtstreeks over elkaar heen, wat voor pijn en stramheid zorgt en je bewegingsvrijheid sterk kan inperken. Als reactie hierop gaat je bot soms ook vervormen, wat osteofyten of uitsteeksels veroorzaakt.

Toch ondervindt niet iedereen evenveel hinder van artroseletsels. De ene ervaart enorme pijn bij nauwelijks waarneembare slijtage, terwijl de ander amper merkt dat zijn botdelen rechtstreeks tegen elkaar schuren. Meestal manifesteert deze slijtage zich langzaam met de leeftijd. Na een trauma kan het ook plots optreden. Overgewicht werkt artrose sterk in de hand omdat de kilo’s je kniegewricht extra onder druk zetten. Erfelijke aanleg en beroepen waarbij de knie zwaar wordt belast, verhogen eveneens het risico op artrose.

Nieuw kraakbeen

De kniedistractie werd bedacht en ontwikkeld door een team van Utrechtse onderzoekers. Distractie werd al toegepast op het enkelgewricht en is nadien omgezet naar een toepassing voor de knie. Dr. Heusdens: “Distractie is minder ingrijpend dan een prothese, maar zeker geen lichte behandeling. De eerste weken en nachten kunnen pijnlijk verlopen. Je stapt een zestal weken rond met een frame rond je knie, dat met acht pinnen van 5 mm – vier in het bovenbeen en vier in het onderbeen – in je bot wordt vastgezet. Daartussen komt een distractor, een ‘buis’ die de botdelen van het boven- en onderbeen, die over elkaar schuren, zo’n 5 mm uit elkaar trekt. Bij de ingreep zelf trekken we de botdelen 2 mm uiteen, de dagen erna draaien we er nog 3 mm bij.”

België behoort wereldwijd tot de vijf landen waar de meeste knieprothesen worden geplaatst in verhouding tot het aantal inwoners.

Daarna stap je enkele weken met een gestrekt been rond en belast je weer voorzichtig je boven- en onderbeen. Die belasting geeft vering in je gewricht. Zo wordt je knie gestimuleerd, zonder dat de botdelen elkaar echt raken. Dat samenspel van belasting en ontlasting zorgt ervoor dat de kraakbeencellen in je knie opnieuw worden geactiveerd, waardoor zowaar nieuw kraakbeen wordt gevormd. Op beeldvorming is na ongeveer een half jaar duidelijk te zien hoe er weer een ruimte ontstaat tussen de botdelen, waardoor die niet meer tegen elkaar schuren. Die ruimte kan enkel ontstaan doordat er weer kraakbeen is gevormd.

Nieuwe oplossingen voor knieartrose
© G.F.

“Dat is erg bijzonder omdat tot voor kort altijd werd aangenomen dat het onmogelijk was om verdwenen kraakbeen te herstellen. Welk mechanisme daar precies achter zit, wordt nog verder in detail onderzocht. Na zes weken worden frame en pinnen weer verwijderd. Dan volgt revalidatietraining bij de kinesitherapeut om je spieren weer op gang te krijgen”, aldus dr. Heusdens.

Lange termijn

Aan je kniegewricht zelf wordt bij een distractie niet geraakt. Daardoor kan er zonder probleem jaren later alsnog een prothese worden geplaatst. “Er is ook geen verschil in resultaat tussen mensen die na een distractie een kunstknie kregen en wie zonder distractie een nieuwe knie kreeg.” Intussen wordt de distractietechniek al zo’n tien jaar toegepast en ook op lange termijn zijn de resultaten opmerkelijk. Meer dan de helft van de patiënten met een kniedistractie heeft na negen jaar nog steeds geen prothese nodig. Distractie slaagt er niet alleen in een prothese jarenlang vooruit te schuiven, maar in sommige gevallen allicht ook overbodig te maken, doordat er zich weer kraakbeen vormt.

Toch werkt de techniek niet bij iedereen. “80% reageert goed, bij 20% is er geen verbetering. Maar bij een totale knieprothese, een ingreep die al decennia wordt uitgevoerd, zien we gelijkaardige resultaten. Met distractie is er ook kans op infecties ter hoogte van de pinnen in je bot. Die kunnen goed behandeld worden met antibiotica. Zodra het frame verwijderd is, is dat probleem ook van de baan. Bij mensen met te omvangrijke bovenbenen is de ingreep niet mogelijk omdat er geen frame kan worden aangebracht.”

Prothesen

Ben je 65+ en kamp je met gevorderde artrose, dan wordt doorgaans voor een gedeeltelijke of totale knieprothese gekozen. Een knie in kunststof of metaal vervangt je aangetaste gewricht, wat de pijn meestal snel opheft en je weer beweeglijk maakt. “Vanaf 65 vergroot de kans dat de knieprothese op termijn moet worden vervangen door een volgend exemplaar af. We proberen zo’n revisieoperatie te voorkomen, omdat ze vaak minder succesvol is en meer risico op complicaties geeft.”

Oefentherapie tot brace

Heb je beginnende artroseklachten, dan worden die in eerste instantie aangepakt met gerichte oefentherapie bij een kiné, om onder meer je dijbeenspieren te trainen, in combinatie met het wegwerken van eventueel overgewicht. “Dat geeft vaak uitstekende resultaten omdat minder gewicht en sterkere spieren het gewricht ontlasten.” Dat kan eventueel worden gecombineerd met shockwavetherapie. Die methode stuurt via een toestel korte en krachtige drukgolven in je kniegewricht. Dat zorgt voor een lokale drukverhoging waardoor een hele reeks veranderingen in gang worden gezet, zoals een verhoogde celstofwisseling en tijdelijke pijndemping.

“Voedingssupplementen, zoals glucosamine en kurkuma, worden ook wel eens gebruikt, maar daarvan is de werkzaamheid nog niet overtuigend bewezen. Bij sommigen hebben deze supplementen effect, maar als je na enkele maanden geen verschil merkt, adviseren we om ermee te stoppen. Zeker bij vergevorderde artrose halen supplementen weinig uit.” Als oefentherapie niet volstaat, volgen vaak behandelingen zoals infiltraties met hyaluronzuur – dat de gewrichtsvloeistof versterkt en de pijn dempt – of injecties met cortisone. “De resultaten hiervan zijn individueel verschillend en onderzoek toont aan dat cortisone-infiltraties soms ook schadelijk kunnen zijn voor het kraakbeen. Daar moet dus omzichtig mee worden omgesprongen.”

Therapie met een speciale kniebrace is erg zinvol als je artrose hebt aan de binnen- of buitenzijde van je kniegewricht, maar niet wanneer beide zijden zijn aangetast. “Zo’n brace duwt je gewricht in een bepaalde richting zodat de gezonde, intacte kant wat meer belast wordt, terwijl de beschadigde zijde wordt ontlast.” Een kniebrace bootst het principe van de osteotomieoperatie na. In sommige gevallen, zoals bij asafwijkingen (O- of X-benen) kan osteotomie soelaas bieden. Daarbij wordt het bot doorgezaagd en in een correcte stand teruggeplaatst, wat slijtage tegengaat. Van een O-been wordt weer een recht been gemaakt.”

Juiste Beweging

  • Kies voor fysieke activiteiten die je knieën zo min mogelijk belasten: zwemmen, aquagym, fietsen, wandelen, fitness...
  • Vermijd schokken. Wil je joggen, doe dat op een zachte ondergrond, zoals een Finse piste.
  • Verzorg je kniehouding. Strek je knieën volledig. Een knie die op slot staat, geeft meer stabiliteit. Je zakt er niet snel door.
  • Ga niet over je pijngrens. Heb je tijdens het wandelen pijn, rust dan even uit, zodat je knie wat kan recupereren. Na een tijdje merk je meestal verbetering en kan je verder stappen.
  • Zet je fietszadel een tikje hoger. Je zadel ondersteunt je gewicht, waardoor je je spieren kan trainen zonder je knie te belasten. Hoe hoger je zadel, hoe minder je je knie moet plooien.

Guy Cools (60) kreeg een kniedistractie

500 stappen per dag, verder raakte ik niet meer. Terwijl ik altijd intensief heb gesport: tennis, voetbal, windsurfen... Trappen lopen kostte mij veel moeite. Uiteindelijk moest ik zelfs mijn job als kinesitherapeut opgeven. Mijn klachten zijn vrij plots ontstaan, na een dag zwaar snoeien in de tuin. Aanvankelijk dacht ik aan een gescheurde meniscus, maar onderzoek wees op vergevorderde artrose. Ik was toen 59, te jong voor een kunstknie. Niets doen was ook geen optie. Dan zou ik op termijn in een rolstoel belanden. In mijn zoektocht naar een behandeling hoorde ik over de kniedistractie die het UC in Utrecht al tien jaar uitvoert. Na gesprekken met de kniechirurg wist ik dat dit voor mij de oplossing betekende. Meteen na de ingreep was het pijnlijk met mijn knie in een frame rond te lopen, maar al snel ging bewegen weer vlotter. Ik heb ervoor gekozen om langzaam maar correct en grondig te revalideren. Een half jaar na de ingreep stapte ik alweer tien kilometer aan een stuk. Op beeldvorming bleek dat er zich opnieuw een kraakbeenlaagje in mijn kniegewricht had gevormd. Vandaag ben ik quasi de oude. Ik ben weer aan de slag, voel geen pijn meer, kan wandelen, fietsen, trappen lopen en zelfs op mijn knieën zitten. Van tennis heb ik afscheid genomen. Ik hoop mijn knie zolang mogelijk te houden, zodat het nooit tot een prothese moet komen.

Partner Content