Gotland, eiland in de Zweedse zon
De mooiste middeleeuwse stad van Scandinavië, een idyllische sfeer en een mediterraan microklimaat: Gotland zit vol verrassingen.
Ingeklemd achter zijn witte stenen wallen en veertig torens lijkt Visby haast op een stad in het zuiden. Toch bevinden we ons midden in de Oostzee, tussen Zweden en Letland, maar het duurt geen twee minuten om te beseffen dat je hier een heel ander land betreedt.
Zonnig, met de helft minder regen dan op het vasteland, en met zijn 170 km lengte en 50 km breedte is het eiland in zekere zin het kleine Corsica van de Zweden, die hier komen genieten van milde zomers, stenen terrassen en stranden in Caribische kleuren.
Stad van de rozen
Zoals al eeuwen het geval is, betreed je de stad Visby – volledig autovrij – via een van de middeleeuwse poorten in de stadsmuur. De stad staat twee keer vermeld op de werelderfgoedlijst: vanwege de meer dan drie kilometer goed bewaarde stadsmuren én vanwege het historische stadscentrum, waar houten en stenen huizen vechten om de aandacht met vreemde, vervallen kerken. Alleen de romaanse kathedraal is intact. De andere religieuze gebouwen zijn nooit herbouwd na het verschrikkelijke beleg van 1525.

Met zijn kunstateliers, galerieën en boetiekjes is Visby levendig en creatief: hier wordt glasgeblazen, gesculpteerd en geschilderd. Men bewerkt hier ook materialen om sieraden en kleding te maken. In de zomer vind je op het centrale plein een fascinerende Vikingmarkt.
Begin augustus duikt de stad nog wat dieper in de middeleeuwen tijdens de Medeltidsveckan, de middeleeuwse week. Iedereen wordt uitgenodigd om zich hiervoor te verkleden. In de marge van de festiviteiten worden riddertoernooien gehouden op de vlakte naast de stadsmuren. Visby is ook de stad van de rozen: stokrozen die de huizen sieren en oude, poederige rozen die de botanische tuin vullen.
Zweedse truffel
Voordat Gotland rijk werd dankzij de hanzehandel, een samenwerkingsverband van handelaren en steden tijdens de middeleeuwen, kende het eiland een andere bloeiperiode in de 8ste eeuw. Getuige daarvan zijn de runenstenen die overal op het eiland zijn teruggevonden. Veel van deze stenen zijn verzameld in het Gotlands Museum, waar ze naast een van de grootste Vikingschatten van Zweden liggen: 14.000 zilveren munten, opgegraven in 1999. In de 14de eeuw brachten de pest en de oorlog een einde aan deze voorspoed en zonk het eiland weg in een langdurige malaise. Een armoede die paradoxaal genoeg de kerken van elke verbouwing heeft gespaard.

Het eiland telt bijna honderd van deze wonderen, in romaanse of gotische stijl. Een zeventigtal van hen bevat nog steeds originele fresco’s of zelfs glas-in-loodramen. Een unieke concentratie in Scandinavië. Niet te missen is de kerk van Garda met zijn 13de-eeuwse fresco’s van Byzantijnse invloed. Bijna allemaal zijn ze geopend voor bezoekers, en anders is de sleutel nooit ver weg.
Naast zijn kerk heeft de kleine gemeente Dalhem zijn oude station behouden, dat nu als museum dienstdoet. Een herinnering aan het belang van de spoorwegen op het eiland in de 19de en 20ste eeuw. Het station is een halte van de laatste nog actieve spoorlijn (gotlandstaget.se). Speciaal voor de toeristen wordt de lijn bereden door stoomlocomotieven. Maar het leukste zijn de railvoertuigen die men kan huren om in eigen tempo een paar kilometer op het spoor af te leggen.
Lees ook | Op bezoek bij Belgen in New York
Atypische fauna en flora
Dennenbossen en weiden sieren het landschap in het vrij vruchtbare centrum van het eiland. Overal lopen schapen met een opvallend donkere vacht. De gutefår zou het oudste schapenras van Zweden zijn. Zijn wol en huid worden overal voor gebruikt: voor kleding en schoenen, maar je vindt ze ook op bedden en stoelen.
Een verlaten vissersdorp op Fårö slingert je terug in de tijd
Het bijna mediterraanse klimaat van Gotland zorgt voor ongelooflijke verrassingen. Zo kunnen er kiwi’s, wijnranken en aardbeien worden geteeld, die profiteren van de eindeloze zomerdagen. In combinatie met de kalkhoudende bodem is het eiland ook uitermate geschikt voor de tuber uncinatum — ja, de Zweedse truffel!
Eind jaren negentig werden de eerste zwarte diamanten uit de grond van Gotland gehaald voor culinaire doeleinden. Het eiland zou barsten van de truffels. Sommigen zijn zelfs begonnen met het organiseren van heuse truffelsafari’s, afgesloten met een diner (tryffel.se).
Bagdad Café
Op Fårö, een klein eiland boven het grote Gotland, krijg je al snel het gevoel van het einde van de wereld zodra je de korte, gratis overtocht met de veerboot hebt gemaakt. Geteisterd door de wind en geïsoleerd in de Oostzee is Fårö nog ruiger dan zijn grote broer.
Een zekere Ingmar Bergman zou er in 1961 toevallig terechtgekomen zijn toen hij op zoek was naar een filmlocatie. Deze rotsformatie beviel hem meteen, zozeer zelfs dat hij er ging wonen, er zeven films draaide en er zijn laatste dagen doorbracht. De filmmaker ligt begraven op het kerkhof van Fårösund, in hetzelfde graf als Ingrid, zijn vijfde en laatste echtgenote. Fårö is op vele manieren bijzonder, bijvoorbeeld vanwege dat wankele gebouwtje langs de weg naar het noorden van het eiland: Kutens Bensin, het lokale Bagdad Café. Je stopt er voor een biertje of een pannenkoek – of gewoon uit nieuwsgierigheid. Tussen de oude Amerikaanse wagens installeer je je in de zon, terwijl de jukebox de hits van The King of The Stones speelt. Fuel for the soul, dat is het motto van de plek.

Het hele noordelijke deel van het eiland is van een goddelijke schoonheid. In het noordoosten wordt de kustlijn omzoomd door witte zandstranden, die je per fiets kunt bereiken via de dennenbossen. Maar niets evenaart de weg langs de westkust, die door een desolaat landschap slingert, hier en daar onderbroken door wat kromgegroeide bomen die doen denken aan de Afrikaanse savanne.
Op sommige stranden, zoals dat van Digerhuvud, rijzen vreemde rotsformaties op, soms wel tien meter hoog. In het Zweeds noemt men ze raukar. Het zijn overblijfselen van prehistorische koraalriffen, kalksteenblokken die de tand des tijds hebben doorstaan. De raukar van Langhammar zijn de bekendste, maar ook langs de rest van route 149 duiken ze geregeld op.
Nog wat verder naar het zuiden verandert het landschap opnieuw. Aan het einde van een kiezelstrand ligt een klein vissersdorpje pal aan zee, een stille herinnering aan de tijd dat haring en zalm tot in de 19de eeuw dagelijks op het menu stonden. Een idyllisch stukje einde van de wereld aan het einde van de wereld.
Praktisch
Ernaartoe:
Dagelijkse verbindingen met de ferry tussen het continent en Gotland:
– Ninäshamn – Visby (4u30) en
– Oskarhamn – Visby (4u).
Meer info op: destinationgotland.se
Met het vliegtuig:
Dagelijkse vluchten via Stockholm
Logeren/eten:
Hotel St Clemens, Smedjegatan 3, Visby.
Dit familie-hotel bevindt zich in historische gebouwen en heeft twee ommuurde tuinen.
Krusmynta Gården, Brissund Krusmyntavägen 4, Visby.
De menukaart biedt van alles, van fika (een Zweedse snack) tot gegrilde gerechten.
Meer info op gotland.com
Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier